‘Iedereen heeft mensen die willen dat het goed met je gaat’

geplaatst op: 22 juni 2022
laatst gewijzigd op: 22 juni 2022

Dat zegt Hedda van Lieshout, bestuurder van de Eigen Kracht Centrale. In de nieuwsbrief van Pilot 5 uit november 2021 werd een Eigen Kracht Conferentie benoemd en dat leverde interessante vragen op.

‘Wat is dat en voor wie?’

In dit interview leggen we die vragen en meer voor aan Hedda.

Door: Willemien Ebels

Hedda, hoe ben je in het werkveld van begeleiding en jeugd- en gezinszorg terecht gekomen?

‘Ik denk dat het begonnen is toen ik nog in de buik zat. Dat is natuurlijk een bijzonder antwoord waar wel wat verdere uitleg bij nodig is. Mijn ouders begonnen toen ik nog in de buik zat met een gezinshuis. Dat was in die tijd helemaal nieuw. Het idee achter het gezinshuis was namelijk dat dat de vaste plek zou worden voor vijf kinderen uit een gezin. De moeder was overleden, de vader en oma konden niet voldoende zorg bieden. Mijn ouders wilden dit doen op voorwaarde dat de familie van de kinderen betrokken zou worden en blijven. Mensen horen bij je, die sluit je niet uit, die sluit je in en het is belangrijk dat alle betrokkenen mee kunnen beslissen. Daar stonden mijn ouders voor.

Zo hadden de kinderen een vaste plek en een stabiele basis en konden vader en andere betrokkenen naar hen toekomen. Wij gingen met z’n achten in een huis wonen, mijn ouders zorgden voor ons, maar hun vader en oma hoorden er ook bij. Dit heeft me helemaal gevormd heeft in wie ik geworden ben, in wat belangrijk voor me is, waar ik voor sta en waar ik me voor in zet.’

Welke keuzes heb je vervolgens gemaakt?

Als je vraagt wie ik ben, dan zeg ik; ‘Hedda, vrouw en moeder, pleegzusje, buurvrouw, vriendin, orthopedagoge en ik werk bij de Eigen Kracht Centrale. Ik zet nadrukkelijk al die petten op, ik ben het allemaal en ik neem het allemaal overal mee. Voor mij zijn er geen vaste grenzen, alles samen maakt wie en wat ik ben. Ik verken graag.

Dat deed ik ook toen ik na mijn studie naar Italië ging. Ik had daar namelijk een heel leuk iemand ontmoet – inmiddels mijn man – en we wilden graag samen verder. Ik kon in Italië aan het werk binnen een ziekenhuis en ik kreeg daar de ruimte om de orthopedische ondersteuning helemaal zelf op te zetten. Er was daar namelijk niets op dat gebied. Ik kon er creatief zijn en veel dingen inbrengen, uitproberen en opbouwen. Ik heb er een heel fijne en leerzame tijd gehad. Maar we wilden ook verder kijken en we besloten uiteindelijk samen naar Nederland te gaan.’

Wat ben je in Nederland gaan doen?

‘In Nederland kon ik aan het werk bij de voorloper van Vilans. Daar mocht ik onderzoek gaan doen en gezinnen gaan interviewen en volgen waarbij een complexe zorgvraag speelde. Ik heb door het volgen en interviewen van de gezinnen heel veel geleerd. Ik zag hoe mensen en gezinnen vereenzaamden, hoe ze steeds verder van de mensen om hen heen af kwamen te staan. Er speelt zo veel, er zijn zoveel complexe vragen, en dan moet je ook nog je omgeving erbij houden, misschien zelfs gericht om hulp vragen. Maar vaak weten mensen helemaal niet meer wat er wel niet allemaal aan hulpvragen ligt.

Het is van dag tot dag overleven.

Even stilstaan en de balans opmaken is er helemaal niet bij. De omgeving wil vaak best maar weet ook niet wat en waar en hoe. En zo drijven mensen van elkaar weg, terwijl het juist zo nodig is dat ze dicht bij elkaar blijven. Het onderzoek liet dat steeds weer zien!’

Wat heb je in die tijd nog meer ontdekt?

‘Ik zag hoe organisaties samenwerkten voor gezinnen, maar niet met gezinnen. Uit alle interviews bleek steeds weer dat gezinnen zelf de regie willen houden en betrokken willen zijn, maar de organisaties om hen heen gaven – en geven – ze die rol vaak niet, of nemen die rol zelfs van ze af. Ik vond het heel frustrerend om dat steeds weer te zien en merkte dat je daar met organisaties maar heel moeilijk over in gesprek komt. Organisaties bedenken oplossingen voor mensen en ze vergeten dat ieder kind en ieder gezin een kring van mensen heeft die ook willen dat het goed met hen gaat en die belangrijk zijn. Het gaat er om juist met hen verbinding te houden.’

En toen?

‘Toen werd in 2002 door een aantal pioniers in de pleegzorg de Eigen Kracht Centrale opgericht. Zij waren er van overtuigd dat het anders kon en moest. Inspiratie kwam uit Nieuw Zeeland waar de Family Group Conference in de wet is vastgelegd als een verplichte stap in procedures rond kinderen vanuit Jeugdzorg. In Nieuw Zeeland is erkend dat je in complexe situaties rond en in een gezin alle betrokkenen bij het kind en het gezin erbij moet betrekken en vasthouden en hen de kans moet geven om met elkaar een plan te maken. Dan komen er passende en veilige plannen en worden kinderen opgevangen in vertrouwde kring. Het netwerk geeft aan wat zij nodig hebben en wat er rond een gezin al aanwezig is. Professionele ondersteuning sluit aan waar dat nodig is, voor een tijdje of voor langere tijd. Natuurlijk blijven er altijd situaties over waarin er helaas echt meer regelingen nodig zijn, maar je ziet ook steeds weer dat je dat voor kunt zijn door eerder met elkaar om te tafel te gaan en de kracht die er is te bundelen. De ontwikkelingen in Nieuw Zeeland vormden voor ons echt een soort krachtbron waar we toen – en nu nog steeds – uit putten.’

Kun je nog iets meer vertellen over hoe dat dan gaat?

‘Graag! Vanuit de Eigen Kracht Centrale organiseren we Eigen Kracht-conferenties (EKc’s). Kort samengevat is er dan een vraag vanuit een complexe situatie in of rond een gezin. De conferentie is een middel om tot verandering te komen. We leggen of herstellen verbindingen met iedereen rond het gezin die belangrijk voor hen is. Denk aan familie, vrienden, buren. Het werk zit vooral in de voorbereiding, omdat er vaak veel gebeurd is en de mensen niet zomaar samen willen komen. We vragen iedereen om mee te denken aan een plan voor de vraag die er ligt, bijvoorbeeld: ‘hoe kunnen de kinderen veilig opgroeien?’ De kern is het groter maken van de kring rond de mensen en zorgen dat de regie daar blijft en dat ze samen een passend en veilig plan maken. Dat is maar een korte beschrijving, op de site is veel meer te vinden zoals deze onderverdeling in stappen.’

Waar is de Eigen Kracht Centrale ondergebracht?

‘We zijn een onafhankelijke stichting. De EKc’s worden over het algemeen betaald door gemeenten en soms door fondsen. Helaas hebben we maar met een deel van de gemeenten een overeenkomst. We krijgen zelfstandig betaald voor trainingen en coaching van professionals. Binnen de WLZ en de Zorgkantoren is helaas ook nog geen samenwerkingsvorm.

Het liep van het begin af aan goed. Driekwart komt bij ons via professionals, een kwart via mensen zelf. We hebben in de bijna twintig jaar dat we bestaan ruim dertien duizend EKc’s gedaan. Dat zijn er veel en daar zijn we ook heel trots op. Toch zijn het er ook te weinig. Waarom? Omdat er dagelijks beslissingen worden genomen over gezinnen, zonder dat er is doorgevraagd bij hun netwerk en zonder dat dit netwerk kon meedenken. Dan wordt er dus voor het gezin beslist en niet met en door het gezin..’

Waar staan jullie nu?

‘We staan sterk en hebben een mooie en platte organisatie. Wij werken als kring. Ik ben bestuurder en heb mijn eigen taken daarin, maar we zijn gelijkwaardig en nemen beslissingen met elkaar. We hebben hetzelfde doel voor ogen, zijn enorm bevlogen en steeds lerend en ontwikkelend. We zien dat de vragen die naar ons toe komen veranderen. De Eigen Kracht-conferenties zijn er echt om in te zetten in situaties van drang of dwang, zoals dreigende uithuisplaatsingen, gedwongen opname in psychiatrie, huisuitzettingen bij schulden of complexe echtscheidingen. Nu kloppen ook veel professionals bij ons aan. Zij willen graag trainingen hebben in hoe je eerder met gezinnen naar kracht en eigen regie kunt kijken. Professionals zien ook dat overnemen niet werkt en hoe belangrijk die eigen kracht is met je eigen mensen om je heen. Professionals realiseren zich steeds meer dat ze onderdeel zijn van een structuur en van een cirkel van betrokkenheid, dat je niet overdraagt of afbakent maar verbindt. Ze zien dat gezinnen dan sterker en gelukkiger met hun eigen netwerk hun eigen leven kunnen leiden. Dat is dan echt preventie en dat is een heel krachtige en goede ontwikkeling.’

Hoelang ga je hier nog mee door?

‘Ik begon met het noemen van de basisideeën waarmee ik ben opgegroeid: Geen mensen uitsluiten maar mensen insluiten. Mensen een stabiele basis geven en zorgen dat ze daarin krijgen wat er aan ondersteuning nodig is in plaats van ze van het kastje naar de muur te sturen.

Ik vul met mijn ervaring daarbij aan dat ik wil uitgaan van vertrouwen en van het recht van mensen op verbinding met hun netwerk. Je ziet die waarden en die aanpak steeds meer, zoals ook binnen Pilot 5 met het bondgenootschap. Ik ben hoopvol dat we samen die goede veranderingen gaan doorvoeren voor elk gezin dat dat nodig heeft, in welke gemeente je ook woont en onder welke regeling je ook valt.

Er is nog veel mooi werk te doen en ik hoop daar nog veel aan te kunnen bijdragen.’

‹ nieuwsoverzicht

Uitgelicht

Jouw omgeving

Nieuwsbrief

Vorige Nieuwsbrief