‘Hoe houden mensen zelf de regie met ondersteuning van buitenaf? Dat is voor mij de cruciale vraag’

geplaatst op: 21 juli 2022
laatst gewijzigd op: 21 juli 2022

Verandering is nodig. Dat zagen we bij CZ zorgkantoor al langere tijd. Persoonlijke en gerichte ondersteuning als dat nodig is, zorgt er voor dat mensen het weer sneller zelf kunnen doen. De ervaringen bij Pilot 5, waarbij  bondgenoten aansluiten bij gezinnen als het nodig is, laten zien dat dat klopt.

En nu gaan we verder….

Dat zegt José Franken. Als senior Beleidsadviseur WLZ van CZ zorgkantoor is zij betrokken bij Pilot 5. We kennen haar naam al vanuit de nieuwsbrieven en verslagen. Graag willen we wat meer van haar weten.

door: Willemien Ebels

José, wil je ons om te beginnen wat meer over jezelf vertellen?

Ik ben José Franken. Ik werk inmiddels twintig jaar bij CZ in diverse functies. Ik ben eigenlijk door toeval hier terecht gekomen. Ooit had ik andere ideeën. Toen ik ging studeren – begin jaren tachtig – wilde ik het onderwijs in. Maar daar was helemaal geen werk te krijgen. ‘Zoek toch maar iets anders,’ zei mijn vader. Ik dacht aan reisleider en vond de studie Culturele Antropologie. Maar daarbij ging je vaak in het onontgonnen gebieden werken; ver weg was niet het probleem, wel het missen van stromend water en dat soort dingen. Het werd de studie Sociale Wetenschappen, waarmee ik uiteindelijk veel kanten op zou kunnen. In al mijn overwegingen en ook in mijn uiteindelijke studiekeuze en werk gaat het voor mij om mensen, om mensenlevens en over hoe we mensen soms verder helpen zodat ze daarna sterk verder gaan.

Bijbaantje

Tijdens mijn studie volgde ik het vak Kinderrecht en ging ik aan de slag als gezinsvoogd. Ik ging in het begin natuurlijk met ervaren mensen mee op pad, maar ik ging gaandeweg ook steeds meer zelf doen. Wat ik daarbij leerde neem ik nog steeds mee. Ik merkte bijvoorbeeld hoeveel meer inzicht ik kreeg als ik tijd en aandacht aan alle gezinsleden gaf, praten en vooral luisteren, een keer met de kinderen iets leuks doen. Dan zie je pas hoe het gezin in elkaar steekt, waar de kracht zit, waar de aandachtspunten zitten. Soms heeft een mens of een gezin een tijd ondersteuning of extra aandacht nodig en dan moet dat er komen. Maar je moet nooit meer overnemen dan hoeft en altijd weer aansturen op dat mensen het zelf kunnen doen. Hoe houden mensen zelf de regie met ondersteuning van buitenaf? Dat is voor mij de cruciale vraag.

Mijn ervaringen binnen de gezinsvoogdij hebben me daarin waardevolle lessen geleerd die ik nooit meer vergeten ben.

Na mijn studie

Na mijn studie was er ook binnen de Sociale Wetenschappen niet veel werk te krijgen. Dat vond ik niet erg, ik pakte aan wat op mijn pad kwam. Zo werkte ik in het begin heel kort bij de belangenvereniging van dierenartsen en ziekenhuizen, om daarna vele jaren bij de belangenvereniging van organisaties voor crisis- en vrouwenopvang te werken. Twintig jaar geleden kwam ik bij CZ terecht. Mijn werkveld was de zorginkoop GGZ en GZ. Er veranderde – ook toen al – veel in de zorg en zo verbreedde mijn functie zich. Ik ging bijvoorbeeld meewerken aan een project Leefstijlinterventie in Den Bosch waar ik opnieuw zag dat de verandering bij mensen zelf begint.  
Bij de organisatieverandering van de functie Zorginkoper in 2015 koos ik voor de optie van de functie beleidsmedewerker. Het lijkt misschien alsof het steeds weer andere stappen waren, dat is eigenlijk niet zo. Voor mij draait het in de basis steeds weer hetzelfde; eigen regie, eigen verantwoordelijkheid, ondersteuning waar nodig, soms ook ingrijpen als echt niet anders is. Om daarin de juiste vorm en het juiste moment te kiezen, dat is de grootste uitdaging.

Anders doen

Ik heb veel goede initiatieven gezien, zoals bijvoorbeeld op terrein van de cliëntondersteuning.  Na de verandering van AWBZ naar WLZ kregen de zorgkantoren ook de functie om onafhankelijke clientondersteuning in te kopen. Dat waren goede stappen. Maar de wereld van de zorg verandert enorm, er zijn veel verschillen in aanpak, in methodieken, geen wonder dat mensen daar vaak in verdwalen. Dat werd voor mij in mijn werk bij CZ een belangrijk aandachtspunt.  Daarom deden we in regio Zuid Limburg mee aan het project Persoonsvolgende Zorg V&V (in regio Rotterdam was Corine Boer projectleider van het project voor de GZ). Dat was al een stap in de goede richting maar we wilden nog verder. Zo kwam Pilot 5 met de inzet van bondgenoten in beeld, opnieuw en tot mijn plezier met Corine als projectleider.

CZ en Menzis wilden heel graag aan Pilot 5 mee doen. Voor mij persoonlijk is het ook precies het juiste project op het juiste moment. Pilot 5, de inzet van bondgenoten, voegt iets toe waarvan ik ervaren heb dat het werkt.

Tot nu toe

Als mens zie ik het zo;  soms gaat het anders, soms is er tijdelijk hulp nodig, kan een ander net even beter zien wat er nodig is. Dat is altijd samen met de mensen om wie het gaat en het gaat nooit om het overnemen van hun regie, maar om het ondersteunen daarbij. Dat vraagt van een professional veel, je moet echt brede ervaring hebben, veel kennis, mee kunnen gaan met de mens en zijn of haar gezin, zien waar je nodig bent en vooral ook waar niet. Ieder mens en elk gezin is weer anders. Dat vraagt tijd en ruimte en daar krijgen bondgenoten professionele vrijheid in.  We zien dat we op de goede weg zijn. De inzet van bondgenoten werkt, gezinnen krijgen sneller de regie terug, hervinden hun kracht. Het mooie is; daar zijn zelfs minder uren voor nodig dan we van te voren hadden begroot. Zo zie je ook dat mensen nooit meer hulp geven of vragen dan nodig is.

En verder

De positieve effecten van het inzetten van een bondgenoot zijn belangrijk, maken voor mensen een oprecht verschil. We dus moeten zorgen dat we dit uitbouwen en dat we het borgen. Deze waardevolle ervaring mag niet ergens in een la belanden.

We moesten in deze fase goed onderzoeken waar hobbels of obstakels zijn, wat nog anders of beter kan. Binnen het project kunnen we nog verder ervaren en verder leren.

Dat het moet blijven is voor mij geen vraag. Het liefst zou ik dan ook zien dat we het over heel Nederland uitrollen, dat het breed toegankelijk wordt en bondgenoten beschikbaar zijn voor iedereen voor wie het nodig is. Daarbij is het ook heel belangrijk dat het voor mensen goed vindbaar is. Als mensen snel kunnen vinden hoe ze gerichte ondersteuning kunnen krijgen kunnen we heel veel onnodige overbelasting voorkomen.

Voor de toekomst moeten we nu zorgen dat positieve effecten breed bekend worden, dat de politiek ziet dat de inzet van bondgenoten positief werkt en kosten bespaart.  Het is noodzakelijk dat VWS zorgdraagt voor structurele borging. Dat wordt hopelijk snel duidelijk.. Dit moet blijven!

Voor mij

Ik gaf al eerder aan dat ik op een bepaalde manier in mijn werk altijd weer dezelfde kernpunten kies. Ik wil me inzetten voor ontwikkelingen waardoor mensen goede keuzes kunnen maken. Ik vind het belangrijk dat we mensen bijstaan als het nodig is, maar niet overnemen. Ik vertelde aan het begin hoe ik tijdens mijn studie werkte als gezinsvoogd en toen leerde hoe belangrijk is om een gezin te leren kennen, tijd te nemen voor een gesprek, met de kinderen samen iets te doen. Dan pas kun je er echt voor mensen zijn. Die ervaring heeft me gevormd en dat komt nu al die jaren later bij Pilot 5 weer terug.

In die zin ben ik in de kern niet veranderd en daar ben ik blij mee.

‹ nieuwsoverzicht

Uitgelicht

Jouw omgeving

Nieuwsbrief

Vorige Nieuwsbrief